Onze website maakt gebruik van cookies.

Deze website maakt gebruik van cookies om ervoor te zorgen dat u de beste ervaring op onze website krijgt. Meer informatie

Europarlement stemt in met nieuwe regels voor genetisch bewerkte gewassen

Het Europees Parlement heeft ingestemd met een nieuw regelgevend kader voor planten en gewassen die zijn ontwikkeld met nieuwe genetische technieken (NGT’s). Met de nieuwe wetgeving wil de Europese Unie innovatie in de landbouw stimuleren, terwijl tegelijkertijd waarborgen worden ingebouwd voor voedselveiligheid, transparantie en eerlijke toegang voor boeren.

Nieuwe genomische technieken maken het mogelijk om gewassen gerichter aan te passen dan met traditionele veredeling. Denk bijvoorbeeld aan planten die beter bestand zijn tegen droogte, ziekten of plagen. Volgens het Parlement kunnen deze innovaties bijdragen aan een duurzamere landbouw en de afhankelijkheid van ingevoerde gewassen verminderen.

Twee categorieën voor genetisch bewerkte planten

De nieuwe regelgeving maakt onderscheid tussen twee typen NGT-planten. De eerste categorie, NGT-1, omvat planten waarvan de genetische eigenschappen ook op natuurlijke wijze of via klassieke veredeling hadden kunnen ontstaan. Deze gewassen worden grotendeels gelijkgesteld aan conventionele planten en vallen onder een vereenvoudigd toelatingsregime.

Gewassen die zijn aangepast met meer ingrijpende genetische veranderingen vallen onder de categorie NGT-2. Voor deze planten blijven de bestaande strenge Europese regels voor genetisch gemodificeerde organismen (ggo’s) gelden. Zij moeten een uitgebreide risicobeoordeling doorlopen en een vergunning krijgen voordat ze op de Europese markt mogen worden gebracht.

Op verzoek van het Parlement worden planten die resistent zijn gemaakt tegen bestrijdingsmiddelen of zelf insectendodende stoffen produceren niet onder de lichtere NGT-1-regels geplaatst.

Transparantie voor boeren en consumenten

Om boeren beter te informeren, wordt een openbare Europese databank ingericht waarin alle NGT-1-planten worden geregistreerd. Ook moeten zaden en ander teeltmateriaal duidelijk worden voorzien van een NGT-label.

Voor NGT-2-planten gelden aanvullende eisen op het gebied van etikettering en traceerbaarheid. Lidstaten behouden bovendien de mogelijkheid om de teelt van deze gewassen op hun grondgebied te beperken of te verbieden, ook wanneer ze op Europees niveau zijn goedgekeurd.

De nieuwe regels zijn van toepassing op zowel binnen de EU ontwikkelde gewassen als geïmporteerde planten. Voorbeelden zijn droogteresistente varianten van mais, tarwe en rijst of fruit- en groentesoorten die langer vers blijven.

Patenten mogelijk onder voorwaarden

Een belangrijk onderdeel van de wetgeving betreft intellectueel eigendom. Het wordt mogelijk om patenten aan te vragen op genetisch ontwikkelde planten, maar natuurlijke eigenschappen en DNA-sequenties die ook zonder technologische ingrepen voorkomen, blijven uitgesloten van octrooibescherming.

Volgens het Parlement moeten aanvullende maatregelen ervoor zorgen dat landbouwers toegang houden tot innovaties en niet onevenredig afhankelijk worden van grote technologiebedrijven. Daarnaast worden de nieuwe gewassen gemonitord op hun bijdrage aan duurzaamheid, zodat kennis kan worden ingezet voor de ontwikkeling van klimaatbestendige en ziektebestendige teelten.

Kritiek vanuit de Partij voor de Dieren

Niet iedereen is positief over het besluit. Europarlementariër Anja Hazekamp noemt de versoepeling van de regels een verkeerde ontwikkeling. Volgens haar verdwijnt voor consumenten de mogelijkheid om via voedseletiketten te zien of producten afkomstig zijn van gewassen die met nieuwe gentechnieken zijn ontwikkeld.

Daarnaast waarschuwt zij voor mogelijke vermenging van genetisch bewerkte gewassen met conventionele en biologische teelten. Ook vreest zij dat grote agrochemische bedrijven via patenten meer invloed krijgen op de voedselketen. Volgens Hazekamp vergroot dat de afhankelijkheid van boeren en consumenten van een beperkt aantal internationale ondernemingen.

Met de goedkeuring van het Parlement is een belangrijke stap gezet richting een nieuw Europees kader voor genetisch bewerkte gewassen. De verdere uitwerking van de regels moet duidelijk maken hoe innovatie, voedselzekerheid en consumentenbelangen in de praktijk met elkaar in balans worden gebracht.